Yord
Yord
Yord Literatuur
Boekverslag maken? Informatie nodig voor je literatuurdossier? Yord biedt alles wat je wil weten over literatuur. Talloze recensies, informatie over dichters, schrijvers, poëzie en proza. Zoek op auteur of in een van de dossiers.
 
 
 
Zoeken op auteur
 
Dossiers
 
 
 
arrowYord literatuur
Literair lexicon

Literaire teksten

Links

Zoeken
Literatuur inzicht
 

Redacteur: K. van der Zwaag

Het moment van de wedergeboorte, de "punt des tijds"

Er is geen leven voor de rechtvaardiging. Elke gelovige moet een bewuste overgang in Christus meemaken. Het is óf leven, óf dood, zegt thuislezer A. Hardeman uit Apeldoorn. Hij en zijn vrouw kerkten ruim twintig jaar onder ds. J. P. Paauwe in Den Haag. "De prediking van ds. Paauwe was de zuivere leer, er is geen andere. Het is raar: als je een andere predikant hoort, ben je er helemaal op gespitst of je hetzelfde als bij Paauwe hoort. Dat hoor je na tien minuten al, of het al wat is of niet."

Hardeman noemt zich bewust "thuislezer". Het woord "paauweaan" doet hem te veel denken aan mensverheerlijking. "Paauwe heeft gezegd: "U moet niet komen om een mens te horen. U moet hier komen om toe te eigenen. Als je om mij komt, blijf dan thuis." Hij heeft nooit mensen aan zichzelf willen binden."

Hardeman voert het gesprek met ds. J. Harteman, predikant van de hervormde wijkgemeente Centrum te Hilversum. Ds. Harteman heeft zich in het verleden regelmatig beziggehouden met de leeropvattingen van ds. Paauwe. In het Gooi had hij nogal eens te maken met paauweanen, ook in zijn eigen familie. De wereld van deze thuislezers kent hij van binnenuit. Hij spreekt er met sympathie over, "maar niet zonder kritiek."

Hardeman is niet zó'n overtuigd thuislezer dat hij nooit een andere predikant dan ds. Paauwe beluistert. Hij kerkte regelmatig bij anderen. "Maar uiteindelijk is het niets vergeleken met Paauwe. Dan kom je terug van een dienst, je leest thuis een preek van Paauwe, en je krijgt prompt antwoord op alle vragen."

Er uitgezet 
Ds. Paauwe is niet uit de kerk gestapt maar er uitgezet. Hardeman onderstreept dat. "Afscheiden was tegen zijn principe. Paauwe heeft zijn uiterste best gedaan om in de kerk te blijven. Hij had zelfs hoger beroep aangetekend, zó graag wilde hij de kerk vasthouden. Maar het kon niet, hij moest weg. Luther zou ook niet uit zichzelf uit de Rooms-Katholieke Kerk zijn gegaan. Protesteren was het enige wapen, uitzetting was het gevolg. Afscheiding gaf volgens Paauwe dwaalleringen, en vervolgens weer nieuwe afscheidingen. God en de zuivere leer raakten daarmee op de achtergrond."

Ds. Harteman: "Ds. Paauwe identificeerde zijn eigen weg met Gods weg. Ook is door zijn eigen bekering zijn visie op de kerk toegespitst. Zijn oordeel over de Nederlandse Hervormde Kerk en de afgescheiden kerken vind ik wel aanmatigend, erg rigoureus. Een kerk is een valse kerk als je niet naar dit Woord mag spreken, zei hij. Was het Paauwe verboden om Christus te preken? Paauwe nam in zijn uitspraak nooit meer een voet over de drempel van de kerk te zetten, wel een grote verantwoordelijkheid op zich. Ik denk ook dat zijn visie op de kerk niet losstaat van zijn bekering, die, heel veelzeggend, ín de Hervormde Kerk plaatsvond. Bovendien speelde zijn rechtlijnige, individualistische en radicale karakter mee. Hij was het met geen enkele predikant eens."

Hardeman: "In 1816 was er een andere kerk gesticht, waarin ruimte was voor alle wind van leer. Die situatie werd nog eens aangemoedigd door de reglementenbundel. Paauwe staat voor mij op één lijn met De Cock en Ledeboer. De Hervormde Kerk had hem moeten rehabiliteren. Hier en daar werd een zwak protest tegen zijn uitzetting gehoord, maar daar bleef het helaas ook bij. Toen Paauwe stierf, bleef er voor velen niets anders over dan thuis zijn preken te gaan lezen."

Ds. Harteman: "Maar een gedrukte preek, of een bandje, kan toch nooit de prediking vervangen? Paauwe heeft het thuislezen gelegitimeerd en bevorderd. Tot op de dag van vandaag heeft hij mensen vervreemd van de bediening van het Woord en van de sacramenten."

Siebelink
In het huis van Hardeman ligt ook het boek van Jan Siebelink "Knielen op een bed violen". Mevrouw Hardeman heeft het boek geleend van een familielid. "Ik was er stuk van toen ik het uit had", zegt ze. "De hoofdpersoon is geestelijk gestoord, zozeer is hij gegrepen door mystieke openbaringen. Dat heeft niets met ds. Paauwe te maken."

Haar man vult aan: "Ds. Paauwe noemde de gezelschappen "poelen van ongerechtigheid." Siebelink weidt de gezelschappen echter breed uit, tot groot genot van allen die nergens meer van willen weten en niets liever doen dan de godsdienst bespottelijk maken. Siebelink maakt niet alleen Paauwe maar ook God en de gehele godsdienst tot een bespotting."

Ds. Harteman: "Siebelink heeft gewone mensen bijzonder gemaakt. Angstig is het om te lezen hoezeer iemand beïnvloed kan worden door extreme godsdienstige overtuigingen van anderen, daar niet meer los van kan komen en er alles voor aan de kant zet. Het is erg jammer dat Siebelink zo'n negatief beeld van gelovigen neerzet. Naar mijn mening is ook de vierschaarbeleving van Paauwe niet correct weergegeven."

De plaats die Christus heeft in de prediking van ds. Paauwe ontbreekt ook in dit boek, vindt ds. Harteman. "Paauwe was mordicus tegen elk bouwen op iets en iemand buiten Christus. Hij zou direct afstand hebben genomen van de religieuze verdwazing zoals Siebelink die beschrijft. Vooral het einde van het boek, waarin het sterven van de hoofdpersoon wordt beschreven, is aangrijpend en verbijsterend."

Hardeman: "Ik vind de scènes vooral schokkend vanwege de onschriftuurlijke goddeloosheid. Deze valse mystiek tref je ook bij niet-christelijke religies aan."

Reformatorisch
Ds. Harteman ziet in het gedachtegoed van Paauwe het reformatorische erfgoed van "de rechtvaardiging van de goddeloze" verwoord. Hij vergelijkt ds. Paauwe met Van der Groe en constateert bij beiden zuiver reformatorische elementen.

Hardeman beaamt het ten volle. "Luther zei al dat de kerk staat of valt met de rechtvaardiging. Iedereen die van God geleerd is, weet dat hij door het geloof gerechtvaardigd ís, niet wórdt. De "punt des tijds", het moment dat de mens bewust overgaat in Christus, is hiervan het gevolg, of het bewijs. Men kan niet dood zijn en tegelijkertijd levend. Men is dood, of levend. Daartussen ligt geen uitgestrektheid. Men is gelovig of ongelovig. Tussen wedergeboren en gerechtvaardigd zijn, is geen verschil."

Mevrouw Hardeman: "Deze waarheid hoor je weinig in de Hervormde Kerk en helemaal niet in de afgescheiden kerken. Paauwe kapt mensen af die zeggen dat zij wedergeboren zijn, maar toch niet bekeerd zijn."

Ds. Harteman: "Stelt Paauwe dat moment van de "punt des tijds" toch niet te absoluut?"

Hardeman: "Ja, dat vindt u! Lees het boekje maar van de bekeringsweg van Eva van der Groe, het hoofdstuk over "de Geest is het Die levend maakt". Daar staat in wat de "punt des tijds" is."

Ds. Harteman: "Eva van der Groe beschrijft in haar boekje hoe ze persoonlijk door het geloof met Christus is verenigd. Zij weet datum en tijd van haar bekering te noemen. De vraag is echter of we haar bekering als norm moeten zien voor alle gelovigen. Natuurlijk staat of valt de kerk met de rechtvaardiging, maar er is ook een geloof dat klein is en toch rechtvaardigend is en zekerheid geeft."

Hardeman: "Daar zijn we het helemaal mee eens. Het kleinste geloof geeft zekerheid. Als de mens genade bezit, dan weet hij dat, zegt Paauwe. Als in het hart de scheiding gemaakt wordt tussen licht en duisternis, weet een mens onmiddellijk wat het niet is, en ook wat het wel is!"

De biografen van ds. Paauwe, L. F. Dros en N. J. P. Sjoer, stellen dat hij aan het eind van zijn leven de "punt des tijds" steeds meer aandacht ging geven.

Hardeman: "Maar, er is toch geen andere leer? Als dat niet geleerd wordt, gaat het mis."

Ds. Harteman: "Al ben je het dan helemaal eens met het rechtvaardigend karakter van het geloof, en van de zekerheid van het geloof, mag je dan de rechtvaardiging concentreren en isoleren tot het beleefde absolute moment? Wie stelt dat er leven voor de rechtvaardiging is, in die zin dat hij de rechtvaardiging kan missen, bedriegt zichzelf. Maar wie dat absoluut maakt, en alle verontruste en twijfelende zielen voor geestelijk dood verklaart, geeft een eenzijdige en onbarmhartige uitleg van de rechtvaardiging. Calvijn houdt wedergeboorte en rechtvaardiging dicht bij elkaar, maar noemt dat toch verschillende zaken. Hij heeft ze noch in een chronologische volgorde gezien, noch tussen beide een oorzakelijk verband aangenomen. De verbinding ligt in het in Christus zijn."

Historisch geloof
Het echtpaar Hardeman ziet er verlangend naar uit "dat God onze vijandschap wil wegnemen, want die vijandschap maakt scheiding tussen Hem en ons." "We hebben een historisch geloof. Dat is niet genoeg. Toch kunnen we nooit de schuld aan God geven. Paauwe leerde een ruim aanbod van genade. Er zijn geen uitvluchten, zei hij: "Men moet zich bekeren en God wil het eenieder geven.""

Ds. Harteman: "Is dit dan toch niet een wachten op een bijzondere openbaring, buiten de nodiging van het Woord om? Wat is het verschil met Jan Siebelink, die ook graag zo'n extatische openbaring als zijn vader wilde meemaken?"

Hardeman: "Maar er moet toch een moment zijn dat je absoluut en bewust weet dat je gelooft? Ik moet als vijand bekeerd worden, niet als een rechtvaardige. Paauwe zegt dat we ons moeten bekeren, maar ook dat wij dat niet kunnen. Uit die verlegenheid moeten wij gered worden, zegt hij."

Ds. Harteman: "We moeten oppassen dat de vierschaarbeleving een systeem wordt met een chronologische of psychologische orde. Er treedt dan een verschuiving op van het Woord naar de bevinding. Het is beter eraan vast te houden dat Christus in het Evangelie aan ons verschijnt, dan uit te zien naar een buitengewone ervaring van Christus. Het accent bij de rechtvaardiging in de vierschaar valt bij u helemaal op het beleefde moment van de vrijspraak. Dát is dan het een en al. Volgens mij is de Bijbelse rechtvaardiging breder. Wat Paauwe in de "punt des tijds" is overkomen, eiste hij ook van anderen."

Hardeman: "God roept ons op de middelen te gebruiken. Maar Hij is vrij om, hoe dan ook, het geloof te geven. Hij kan bij wijze van spreken de groenteman gebruiken om mensen tot bekering te brengen."

Ds. Harteman: "Het is positief dat Paauwe zonder onderscheid het Evangelie bracht aan elke zondaar en dat hij wees op de grote zonde van het ongeloof. Als Paauwe zo ruim de Christus preekt, dan bent u met al het lezen van Paauwe toch niet verder gekomen."

Hardeman: "Je bidt wel, maar je gelooft niet wat je bidt. Als je niet bekeerd bent, weet je dat je niet gelooft. Als het menens was met mijn bidden, was ik direct zalig."

Mevrouw Hardeman; "Eén zucht in oprechtheid, en de mens is behouden. Paauwe probeerde de mens in de verlegenheid te brengen waaruit de bekering zou kunnen voortkomen. Aan God kant is er altijd de mogelijkheid om zalig te worden."

Dros en Sjoer zeggen dat de pastorale nood onder paauweanen groot is vanwege het gemis van de sacramenten.

Hardeman: "Ik ben bang dat er veel huichelaars zijn. Dan denk je dat je geloof hebt dat zo klein is dat het versterkt moet worden aan het avondmaal. Maar is er wel echt sprake van dat bewuste geloof? Ik heb in mijn leven weinig zinnige dingen over de doop gehoord. Het gaat vaak gepaard met emotie en mooie jurkjes. Paauwe kreeg eens de vraag: "Dominee, kan ik mijn kind laten dopen als ik onbekeerd ben?" Het antwoord was: "U moet uw kind laten dopen, en u moet bekeerd zijn; uit die verlegenheid moet u gered worden." Dat was het pastorale antwoord op de nood van sommigen. Misschien worden er wel veel kinderen gedoopt zonder enig besef van de ernst van het sacrament."

Ds. Harteman: "Ik ken paauweanen die teruggekeerd zijn naar de kerk en die daar inmiddels gedoopt zijn. Zij hadden geen vrede met een leven los van de kerk en los van de sacramenten."

Mevrouw Hardeman: "Was die terugkeer nodig? Dan was misschien ook hun verlegenheid weg."

Ds. Harteman: "Is het gevaar niet groot dat paauweanen terugkeren naar de wereld? De praktijk leert dat thuislezen gemakkelijk kan leiden tot secularisatie."

Hardeman: "Ik heb pas een preek gehoord van een hervormde predikant. Deze man citeerde Brakel, dat iemand het tijdstip van zijn bekering niet precies hoeft te weten. Die predikant sprak daar wel tien minuten over. Het leek erop of dat tijdstip volstrekt onbelangrijk was. Ik zal nooit een stap meer bij die predikant in de kerk zetten. Of Paauwe heeft gelijk, of er ís geen waarheid. Ik denk dat het waar is: er is geen andere waarheid dan die welke Paauwe leert."